|

|
Home > Nederlands > Campagne > Informatiebrief afronding campagne > Evaluatieonderzoek campagne
Evaluatieonderzoek campagne
Evaluatieonderzoek donatiecampagne onder openbare apothekers
Februari 2000
In opdracht van Werkgroep Geneesmiddelendonaties gecoördineerd door stichting Wemos
in het kader van de bewustwordingscampagne 'Naar een betere kwaliteit van geneesmiddelendonaties vanuit Nederland' In samenwerking met de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering
der Pharmacie (KNMP) Periode: Augustus - December 1999 Uitgevoerd door: Sarah Pos, doctoraalstudent sociale psychologie, Rijksuniversiteit Utrecht
Mede vanwege de resultaten van dit onderzoek is eind
1999 de bewustwordingscampagne van de Werkgroep Geneesmiddelendonaties afgerond. Het onderzoek is gedaan om te inventariseren hoeveel apothekers nog retourmedicatie doneren en in hoeverre de bewustwordingscampagne
bijgedragen heeft aan de eventuele verandering hierin.
Onderzoeksopzet ]In september 1999 is een vragenlijst met open en gesloten vragen verstuurd naar 400 openbare apothekers in Nederland. De
aselecte steekproef onder de openbare apothekers die lid zijn van het KNMP kwam tot stand door medewerking van het KNMP bureau. Hiervan hebben 206 apothekers de vragenlijst ingevuld en teruggestuurd. Een
responsepercentage van 51,5 %.
De hoofdvraagstellingen die zijn onderzocht: Hoe is de kennis, attitude en het gedrag van openbare apothekers ten aanzien van het doneren van retourmedicatie? Hoe is
de kennis, attitude en het gedrag ten aanzien van de campagne 'Naar een betere kwaliteit van geneesmiddelendonaties vanuit Nederland'? Is er een relatie tussen de veranderingen in kennis, attitude en het gedrag
van openbare apothekers en de campagne en hoe is die relatie? Zijn er verschillen opgetreden in vergelijking met een (tussen)evaluatieonderzoek van 1997? Is de doelgroep geďnteresseerd in een
vervolgcampagne met als thema de internationale geneesmiddelenproblematiek?
Onderzoeksresultaten Aantal donerende apothekers In 1994 blijkt uit onderzoek door Blom, De Bruijn en De Jong (Rijksuniversiteit Utrecht) dat 59% van de ondervraagde apothekers retourmedicatie doneert. Dit percentage
wordt bevestigd door een tussentijds evaluatieonderzoek uit 1997, uitgevoerd door Görts en Van Brummelen (in opdracht van
Werkgroep geneesmiddelendonaties). Uit dit onderzoek blijkt dat ruim tweederde van de apothekers in het verleden retourmedicatie heeft gedoneerd en dat dit aantal gedaald is tot 25 %. Hiervan doneerde 20% van de
apothekers regelmatig tot vaak retourmedicatie en 5% deed dit soms. Uit het onderzoek van 1999 komt naar voren dat er wederom sprake is van een daling: slechts 5% van de apothekers doneert regelmatig tot vaak
retourmedicatie. 10% van de apothekers geeft aan soms te doneren. De doelstelling van de campagne ten aanzien van het percentage donerende apothekers is hiermee behaald. De campagne kan door dit resultaat succesvol
worden afgesloten.
Beweegredenen van donerende apothekers Apothekers die doneren, gaven via vaste antwoordmogelijkheden aan dit voornamelijk te doen omdat 'er een goede zaak mee wordt gediend'
(72%), 'er om gevraagd wordt' (72%) en omdat 'het zonde is om de medicatie niet meer te gebruiken' (61%). Van de groep die nog steeds doneert (10 apothekers) geeft de helft (55%) aan zeker van plan te zijn door te
gaan met doneren.
Beweegredenen van niet donerende apothekers Van het totaal aantal respondenten geeft 85% aan niet te doneren. Hiervan heeft bijna de helft (49%) nooit gedoneerd. De overige
respondenten geven aan 'af en toe' (31%), 'regelmatig' (28%) en zeer vaak (4%) te hebben gedoneerd. De redenen om niet te doneren zijn zeer divers. Zo wordt het standpunt van de Inspectie voor de
Volksgezondheid, (het afkeuren van het gebruik van retourmedicatie voor de hulpverlening) de KNMP of het advies van Wemos en/of de Werkgroep genoemd. Maar ook dat de kwaliteit van retourmedicatie niet te garanderen
is en de onbekendheid met de vraag in het hulpbehoevende land.
Beweegredenen om te stoppen met doneren 52% Van de respondenten zegt gestopt te zijn met doneren. De redenen hiervoor zijn
verschillend: zo zegt 80% dat zij gestopt is vanwege het standpunt van de Inspectie van Volksgezondheid. 87% zegt dat er niet moet worden gedoneerd op basis van wat hier over is, maar wat daar nodig is en 74% zegt
dat de kwaliteit van de retourmedicatie niet te garanderen is.
Invloed van de campagne Alhoewel de onderzoeksresultaten geen statistisch verband tonen tussen de gekozen indicatoren van de campagne
en het donatiegedrag, zijn er een aantal indirecte verbanden tussen de gedragsverandering en de campagne aan te wijzen. Wanneer de groep van apothekers die nu niet meer doneert (maar dit in het verleden wel heeft
gedaan) onder de loep wordt genomen, blijkt dat een groot gedeelte van hen gestopt is in de periode 1996 tot en met 1999, de periode waarin de campagne liep. Daarnaast is de campagne van de Werkgroep
Geneesmiddelendonaties redelijk bekend bij apothekers. Eén of meer van de vijf in de vragenlijst genoemde onderdelen van de campagne zijn bij 86% van de apothekers bekend. Daarnaast is er een belangrijke rol
weggelegd voor het standpunt van de Inspectie voor de Volksgezondheid. Het standpunt dat per brief in december 1996 naar alle apothekers is verzonden, is een indirect voortvloeisel uit campagneactiviteiten. Via
kamervragen is de politieke aandacht voor de problematiek versterkt en heeft de Inspectie besloten de brief te versturen. Tevens is in de publieke media veel aandacht besteed aan het onderwerp.
Vervolgcampagne De interesse in een vervolgcampagne is hoog. In de vragenlijst zijn verschillende thema's genoemd en gevraagd om per thema aan te geven of hiervoor interesse is. Ruim de helft (60%) van de
respondenten geeft aan in het thema 'toegang tot essentiële geneesmiddelen' geďnteresseerd te zijn. 47% heeft voor het onderwerp 'promotie van geneesmiddelen' en 49% 'donaties van geneesmiddelen' belangstelling.
Iets meer dan de helft (51%) van de respondenten geeft aan 'export van geneesmiddelen' interessant te vinden. Het overgrote deel wil worden geďnformeerd, maar wil voor alsnog geen actieve rol spelen. De hoge
respons (52%) is eveneens een indicatie voor de bereidwilligheid in deze doelgroep.
Eindconclusies Uit voorgaande onderzoeken en de resultaten van dit recente onderzoek blijkt duidelijk dat
gedurende de campagne het aantal artsen en apothekers dat retourmedicatie ter beschikking stelt voor donatie sterk is gedaald en er tevens sprake is van verandering van kennis en attitude. Door de resultaten van het
evaluatieonderzoek uit 1997, waaruit bleek dat een beperkt deel van de apotheekhoudende huisartsen nog doneerde (11% soms, 6% regelmatig), is halverwege de campagne besloten artsen niet meer actief te benaderen. De
campagne heeft invloed gehad op het donatiegedrag, wat onder andere blijkt uit het grote percentage apothekers dat in de periode van de campagne is gestopt met doneren en de grote bekendheid van de campagne bij de
apothekersdoelgroep. Ruim de helft van de respondenten is geďnteresseerd in een vervolgcampagne over de toegang tot essentiële geneesmiddelen.
|