|
Verslag van de themamiddag Gezondheidszorg Midden- en Oost-Europa
Met betrekking tot de workshop over geneesmiddelendonaties
en donaties van medische apparatuur
Rotterdam, 17 september 1999
Organisatie: Stichting Wemos, Amsterdam COS Zuid-Holland Zuid, Dordrecht
Steunpunt Midden- en Oost-Europa, Rotterdam
Online inhoudsopgave
INLEIDING
Vrijdagmiddag 17 september 1999. Congrescentrum Engels in Rotterdam stroomt vol met mensen uit alle delen van het land: Enschede, Hoorn, Groningen, Zierikzee, Eindhoven, Dordrecht om een paar plaatsen te noemen. Actieve mensen werkzaam in talloze werkgroepen en stichtingen, ziekenhuizen, kerken, stedenbanden, die op de een of andere manier betrokken zijn bij de gezondheidszorg in Midden- en Oost-Europa. Op deze themamiddag grijpen ze de gelegenheid om ervaringen uit te wisselen tijdens een ontmoetingslunch en workshops.
Voor u
ligt het verslag van deze geanimeerde middag, met een impressie van de vijf verschillende workshops en de discussies die daar zijn gevoerd.
Terugblik
Drs. Bert Hebing, politicoloog, leidt de middag in.
Hij blikt terug op de tien jaar die na de val van de Berlijnse muur zijn verstreken. "Iedereen was euforisch, er was zicht op vrede, er ging een wereld
open", herinnert hij zich. "Al snel kwamen uitwisselingen op gang naar Polen, Hongarije, Roemenië en Tsjechoslowakije, zoals het toen nog heette. Ook
de gezondheidszorg trok zich de erbarmelijke omstandigheden aan waarin patiënten in Oost-Europa verkeerden. Onderschat niet het belang van het sturen van
kleding, medicijnen en voedsel. Nederlanders waren daar heel actief in."
Maar het
was wel wennen, constateert hij. De cultuur in Midden- en Oost-Europa was anders. De invloed van jarenlang communisme had zijn sporen nagelaten. "Het
waren communistische planeconomieën, maar goede planners trof je zelden aan", illustreert Hebing. "Men was niet gewend zelfstandig
verantwoordelijkheid op zich te nemen. Opdrachten kwamen van boven en daar hield je je aan." Aan de andere kant werden de hulpverleners met een ongekende
gastvrijheid ontvangen. Hoe weinig mensen ook hadden, ze deelden het met hun gasten. "Maar ook het aanknopen van vriendschapsbanden gaat anders dan bij
ons. Drinken wij na het werk samen een borrel, daar begin je met die borrel en gaat daarna pas samen aan het werk."
Positieve veranderingen
Wat voor
effect heeft de hulp tot nu toe gehad? "De eerste jaren waren dramatisch. Alles stortte volkomen ineen, ook de gezondheidszorg. Onder het communisme
bestond een relatief goede, gratis gezondheidszorg voor iedereen. Na de omwenteling stonden artsen en verplegend personeel op straat. Ze moesten bijverdienen
met klussen. "Er ontstond een tweedeling in de zorg", schetst Hebing. "Ook de statistieken van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) liegen er
niet om. De levensverwachting is dramatisch gedaald, de verspreiding van besmettelijke ziekten dramatisch gestegen. Maar de laatste jaren zijn positieve
veranderingen waar te nemen. De Europese Unie stelt veel geld beschikbaar, nu verschillende landen zich binnenkort mogen aansluiten. Ook Nederland draagt zijn
steentje bij."
Wees kritisch
Kleine
hulpverleningsorganisaties en particuliere instellingen hebben zich al die jaren met hart en ziel ingezet. "Zij boeken met weinig geld het meeste
succes", vindt Hebing. "De rol van kleine projecten is belangrijk geweest en is nog steeds belangrijk. Toch is het de vraag of we de komende tien
jaar zo moeten doorgaan. Ja, mits de behoefte en de concrete vragen vanuit de praktijk zelf centraal staan. Nee, als we het Nederlandse aanbod centraal
stellen, wat in deze eerste tien jaar wellicht te vaak het geval was. Wees kritisch, discussieer met elkaar. Ik wens iedereen een vruchtbare middag toe."
WORKSHOP 1A - RICHTLIJNEN VOOR HET DONEREN VANGENEESMIDDELEN
De kwaliteit van geneesmiddelendonaties is niet altijd optimaal. Daarom stelde de
Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) richtlijnen op. De vijf belangrijkste zijn:
- Stuur niet wat over is, maar wat nodig is.
- Geef alleen essentiële geneesmiddelen die op de (essentiële) geneesmiddelenlijst van het ontvangende land staan.
- Geef geen retourmedicatie.
- Schenk medicijnen die minstens één jaar na aankomst houdbaar zijn.
- Stuur medicijnen met etiketten in een voor de ontvanger bekende taal.
Klikt u hier indien u akkoord gaat met de principes van de richtlijnen voor geneesmiddelendonaties..
DeWerkgroep Geneesmiddelendonaties geeft voorlichting over de richtlijnen voor geneesmiddelendonaties De Werkgroep bestaat uit elf ontwikkelingsorganisaties zoals Apothekers zonder grenzen, Artsen zonder grenzen, Memisa, het Nederlandse Rode Kruis, en Pharmacie en Ontwikkelingssamenwerking (P&O). De coördinatie is in handen van Stichting Wemos.
Gegarandeerde kwaliteit
Theo Ferguson, de inleider van deze workshop, is ziekenhuisapotheker en plaatsvervangend directeur in de Apotheek Haagse Ziekenhuizen (AHZ), een grote ziekenhuisapotheek gevestigd in het complex van het Leyenburg Ziekenhuis in Den Haag. Hij schetst de reikwijdte van het onderwerp aan de hand van artikelen uit diverse kranten: over de schaarste van medicijnen in ontwikkelingslanden en de overvloed in Nederland, over retourmedicatie, over vragen die in de Tweede Kamer zijn gesteld omdat onbruikbare medicijnen in Kosovo en Servië terechtkwamen.
De video die vervolgens wordt vertoond laat zien waarom de WHO-richtlijnen voor geneesmiddelendonaties belangrijk zijn. Zo legt een medewerker van Artsen zonder Grenzen uit wat er in het verleden mis is gegaan met het doneren van medicijnen, met name in noodhulpsituaties. Een apotheker vertelt waarom teruggebrachte medicijnen niet geschikt zijn om te doneren. Als alternatief voor deze retourmedicatie kunnen medicijnen worden ingekocht bij non-profit groothandels. Zij leveren goedkopere medicijnen van gegarandeerde kwaliteit en kunnen eventueel het transport organiseren. Een ander alternatief is het inzamelen van geld om ter plekke medicijnen te kopen.
Overconsumptie
Tijdens de discussie vertelt een van de deelnemers dat het in de Oekraïne moeilijk is om medicijnen te doneren vanwege de strenge en dure invoerregelingen. Het is beter om de medicijnen ter plaatse t e kopen. Een andere organisatie werkt via een lokale contactpersoon die naar de grens komt. "Het enige dat wij moeten verzorgen is een paklijst. De contactpersoon weet wat er nodig is aan de grens en zorgt daar zelf voor."
In Rusland zijn een aantal medicijnen die worden ingevoerd niet op d e lijst. De verplichte douanedocumenten kosten 150 gulden. Een
deelnemer: "Vraag een verklaring van het ziekenhuis waaraan je de medicijnen wilt doneren. Hierop moet staan dat de medicijnen bedoeld zijn voor humanitaire hulp en niet voor eigen gebruik. De verklaring moet ondertekend zijn door het ziekenhuis en de regionale 'big boss'. Vermeld er geen waarde van de medicijnen op!"
Er ontspint zich een discussie over de verkoop van medicijnen. Een van de deelnemers merkt op dat mensen in hulpbehoevende landen niet gewend zijn te betalen voor medische zorg, maar wel voor medicijnen. Theo Ferguson onderstreept dat voor medische donaties niet betaald mag worden. Het is evenwel moeilijk te controleren of gedoneerde medicijnen doorverkocht worden.
Antibiotica wordt op sommige plekken zoveel aangeboden dat het overal voor gebruikt wordt: van een pijnlijke teen tot maagpijn. Daardoor ontstaat overconsumptie en steekt de ziekenhuisbacterie MRSA de kop op, die resistent is tegen antibiotica. Het beste is lokale antibiotica te kopen met een klein spectrum, en te zorgen voor een regelmatige stroom van geneesmiddelen. Onafgemaakte kuren vergroten de kans op resistentie.
Pillen tegen hartproblemen
Een deelnemer, fel: "Er gebeuren teveel ongelukken door verkeerde medicijndonaties. Aspirientjes blijken harttabletjes. Deskundige handel is vereist en er moet een duidelijke vertaling bij in alle talen." Ferguson vraagt of iemand recentelijk ervaring heeft met ingezamelde geneesmiddelen vanuit Nederland. Na lang aarzelen zegt een deelneemster dat ze soms pillen tegen hartproblemen naar Rusland stuurt. Ze weet niet of dit goed is. De mensen aan wie ze deze pillen doneert vragen ernaar.
Wie medicijnen doneert kan er niet vanuit gaan dat artsen weten hoe ze bepaalde ziekten moeten behandelen. Kennis overdragen over het gebruik van geneesmiddelen is belangrijk. Een diagnose stellen is niet te leren van de bijsluiter, zelfs niet als die in de goede taal is opgesteld. Overigens is het mogelijk etiketten en bijsluiters te laten vertalen in elke gewenste taal.
WORKSHOP 1B - RICHTLIJNEN VOOR HET DONEREN VAN MEDISCHE APPARATUUR
Stichting Medic is een vrijwilligersorganisatie voor internationale hulpverlening van medische goederen en diensten. Een team van ruim vijftig vrijwilligers, waaronder (gepensioneerde) artsen, chirurgen, verpleegkundigen, technici en oud-zakenlieden verzorgt jaarlijks ruim tweehonderd aanvragen voor de levering van medische goederen. Deze aanvragen komen via Nederlandse organisaties uit Oost-Europa, Afrika, Azië en Midden-Amerika. Jaap Dettingmeijer is bestuurslid van Stichting Medic en was in zijn zakelijk leven directeur/eigenaar van een bedrijf dat medische apparatuur ontwikkelde en produceerde.
Gewenste apparatuur
Aan het begin van de workshop vat Dettingmeijer derichtlijnen voor
het doneren van medische apparatuur samen en voorziet ze van commentaar (bron:Guidelines on equipment donations,
Christian Medical Council, oktober 1998).
De donor dient zich ervan te vergewissen dat alle factoren bij de ontvanger aanwezig zijn om de gewenste apparatuur met succes te laten functioneren. Het opstellen van een equipment checklist wordt aanbevolen.
De ontvanger dient onder andere te streven naar standaardisering van apparatuur en betrokkenheid van de lokale technische diensten.
Punten waaraan extra aandacht moet worden besteed:
- Een goede training van bedienend personeel en technici.
- De volledige documentatie betreffende bediening en onderhoud.
- Alle documentatie in een taal die de ontvanger begrijpt.
- De apparatuur moet in goed werkende conditie zijn.
- Voldoende reserveonderdelen meezenden, bijvoorbeeld voor twee jaar.
- De benodigde verbruiksgoederen meesturen of op de lokale markt aanschaffen.
- Bij verzending overzee zorgen voor goede zeewaardige verpakking.
- Ook later hulp bieden bij technische en operationele problemen
Reserveonderdelen
"Vraag je altijd af of men de apparatuur nodig heeft en kan onderhouden. Vergeet de donatie als het antwoord nee is", drukt Dettingmeijer de aanwezigen op het hart. "Als een röntgenapparaat in Afrika niet werkt omdat er geen technische dienst is, dan heb je er niets aan. Ga ook na of het klopt wat mensen zeggen. Een Afrikaanse arts beweerde bijvoorbeeld dat ze nooit last hadden van stroomstoring, terwijl een tropenarts meldde dat er regelmatig stroomuitval was!"
Stichting Medic worstelt regelmatig met de vraag wat te doen met apparatuur waar geen reserveonderdelen van te krijgen zijn. Dettingmeijer: "Als we gebruikte apparatuur krijgen, kijken we eerst of er nog onderdelen verkrijgbaar zijn bij de fabrikant. Zo niet, wat dan? We kregen bijvoorbeeld van een ziekenhuis een röntgenontwikkelingsapparaat van dit specifieke merk. Maar in Oost-Europa is niet de complete serie spullen te koop die nodig is voor het ontwikkelen van röntgenfoto's. Dan hebben ze er daar niets aan." Om de discussie te stimuleren poneert Dettingmeijer vijf stellingen.
Medici uit ontwikkelingslanden moeten geen stage lopen in Nederlandse ziekenhuizen, tenzij het een training betreft waarvan men lokaal direct profijt heeft. Dettingmeijer: "Buitenlandse artsen geven vaak aan dat zij gefrustreerd raken als ze na een stage in Nederland teruggaan naar hun eigen land en daar niet met dezelfde apparatuur kunnen werken. Het is dus beter om een deskundige vanuit Nederland naar het buitenland te sturen. Een gynaecoloog die tijdens een stage een mooie scanner ziet, wil deze dolgraag ook in eigen land hebben. De aanschaf van zo'n apparaat kan echter veel te zwaar op het budget van een ziekenhuis drukken!
Nederlandse hulpverleningsorganisaties zijn te snel geneigd apparatuurop
aandringen van een buitenlandse arts ter beschikking te stellen,zonder zich ervan te vergewissen
of dat apparaat daar echt wel nodigis.
Dettingmeijer geeft een treffend voorbeeld: "Een Roemeense huisarts wilde graag een ECG-apparaat hebben, het deed er niet toe of dit werkte of niet. Na enig doorvragen bleek dat deze arts in hogere tariefgroep kwam als hij dit apparaat in zijn praktijk had. Hij kon met andere woorden meer geld vragen aan zijn patiënten."
Voordat medisch materiaal wordt gedoneerd, dient de donor na te gaan of een en ander geheel of gedeeltelijk lokaal kan worden geproduceerd. Zelfs bij gelijke productiekosten verdient lokale productie de voorkeur.
"Stichting Medic kreeg vanuit Afrika een aanvraag voor een kaartenbak. Navraag leverde op dat eigenlijk alleen de wielen voor zo'n bak niet lokaal verkrijgbaar waren. Stichting Medic heeft die toen opgestuurd, waarna ze de kaartenbak zelf hebben gemaakt."
Donatie van apparatuur zonder dat er een tegenprestatie wordt gevraagd werkt verwaarlozing van de apparatuur in de hand. Aan te bevelen is óf een (geringe) vergoeding te vragen, óf het apparaat in bruikleen te geven.
"Als je een vergoeding vraagt, is men zuiniger op de aanschaf en bovendien trots: zij hebben de apparatuur niet gekregen maar zelf gekocht. Geef je spullen in bruikleen, laat hiervoor dan officieel tekenen en controleer van tijd tot tijd of de apparatuur functioneert. Zo niet, dan kan je de mensen erop aanspreken", is de ervaring van Stichting Medic.
Aanvragen van materiële hulp dienen niet alleen door de lokale hoogstverantwoordelijke te worden gedaan, maar tevens door de hoogste districtsfunctionaris te worden ondertekend.
"Een directeur van een ziekenhuis in Roemenië vraagt veel medische apparatuur aan. De goederen worden verzameld en gaan ernaar toe", vertelt Dettingmeijer. "Daar blijkt dat het ziekenhuis wordt gesloten en dat de directeur de goederen wil gebruiken voor het openen van een privékliniek!"
Honderd goede ziekenhuisbedden
Tijdens de discussie komen vragen naar voren over aansprakelijkheid, vraag en aanbod op elkaar afstemmen, injectienaalden, het vertalen van handleidingen (Engels, Duits, maar ook Roemeens is aan te bevelen).
Vraag en aanbod op elkaar afstemmen is moeilijk omdat de vraag naar geavanceerde apparatuur groot is en het aanbod klein. Vaak ook is er niet direct vraag naar spullen die aangeboden worden. Stichting Medic werd bijvoorbeeld een keer gebeld door een ziekenhuis dat honderd (nog goede!) ziekenhuisbedden kwijt wilde. Waar laat je die zo snel...?
"Ongeveer 40 procent van de aangeboden apparatuur komt goed terecht in landen", weet Dettingmeijer. Zijn advies: "Ga in ieder geval met de directie van een ziekenhuis om tafel zitten om te bekijken wat er precies nodig is. Maar begin niet met een heel ziekenhuis, aan één (kinder)afdeling heb je je handen vol genoeg. Het is onmogelijk om in één keer een heel ziekenhuis op te krikken."
Spuiten, naalden en
verband worden veel aangeboden en zijn ook bijna altijd bruikbaar. Indien steriel en intact verpakt, dan kunnen ze in overleg ook na de houdbaarheidsdatum nog
gebruikt worden.
TOT SLOT
De middag is ten einde. "Er was een enorm levendige discussie. Het is belangrijk dat we regelmatig zoveel ervaringen uitwisselen", constateert Bert Hebing. Op grote flappen staan de conclusies uit de verschillende workshops beschreven. Steekwoorden en kernzinnen, die Hebing stuk voor stuk even doorloopt.
Niet alleen de conclusies uit alle discussies, hoe interessant ook, waren belangrijk deze middag. Belangrijk waren tevens de ontmoetingen die plaatsvonden, spontaan of in de workshops, tijdens de lunch en de theepauze. Ontmoetingen die bruikbare informatie opleverden, maar vooral ook ontmoetingen waarbij ervaringen werden gedeeld en deelnemers elkaar inspireerden en steunden.
|